|
Dirk Van der Maelen en Johan Vande Lanotte vinden de splitsing van de vennootschapsbelasting geen goed idee. Ze pleiten voor een hervorming waarbij de notionele intrestaftrek wordt afgeschaft, de DBI-aftrek hervormd en het nominaal tarief verlaagd. Op die manier zal de vennootschapsbelasting meer opbrengen dan nu.
De SP.A kant zich tegen een splitsing van de vennootschapsbelasting. We vechten
al jaren tegen belastingparadijzen in het buitenland, waarom zouden we dan in
eigen land de deur daarvoor op een kier zetten? Belangrijker is dat die
belasting hervormd wordt. Vandaag worden eerlijk werkende bedrijven gestraft en
loopt de overheid inkomsten mis door de complexiteit en fraudegevoeligheid van
het huidige stelsel.
De jongste weken werd er aan en rond de
onderhandelingstafel vaak gesproken over de vennootschapsbelasting. Of liever,
over de vraag of die belasting nu al dan niet moet worden overgeheveld naar
Vlaanderen, Wallonië en Brussel? Dat is eigenlijk, jammer genoeg, niet de
hamvraag. De vennootschapsbelasting is een krachtig fiscaal instrument. Als
belasting op winst, en niet op de economische activiteit als zodanig, is het
voor de SP.A ook een rechtvaardig instrument. Als een bedrijf winst maakt, moet
daar een deel van terugvloeien naar de
gemeenschap.
Achterpoortjes
Tussen 1994 en 2008
steeg de opbrengst van 5 miljard euro, of 2,8 procent van het bnp naar 11,5
miljard, of 3,3 procent. Dat was enerzijds toe te schrijven aan de verlaging van
het tarief in 2002, anderzijds aan het sluiten van allerlei achterpoortjes.
Vandaag dalen die inkomsten. Volgens het planbureau zouden ze tegen 2015 nog
slechts 2,9 procent van het BNP bedragen. Voor de SP.A is dit onaanvaardbaar.
Wij mikken op 3,5 procent. Want als er de komende jaren bespaard moet worden om
het budget tegen 2015 opnieuw in evenwicht te krijgen, zullen ook de bedrijven
een evenredige inspanning moeten leveren.
Kan dit zonder
ondernemers het leven zuur te maken of jobs te vernietigen? We geloven van wel.
De vennootschapsbelasting zal paradoxaal genoeg meer opleveren als we het tarief
verder verlagen, de notionele interestaftrek afschaffen en de zogenaamde DBI's
(definitief belaste inkomsten) hervormen. Het huidige tarief (33,99 procent)
moeten we terugdringen tot onder de symbolische grens van 30 procent. De
notionele interestaftrek is onder de regering Leterme II ontspoord: het kost
meer dan het opbrengt. Met de DBI's worden bedrijven die projecten uitvoeren in
het buitenland soms een tweede keer door de fiscus geïnterpelleerd voor
inkomsten waarop ze eerder al belast werden. Dat leidt dan ook tot tal van
betwistingen voor de rechtbank.
In het huidige systeem komt
niet alleen de staatskas er bekaaid van af, ook de economie zelf. Bovendien zet
het de deur open voor fiscale constructies, ontduiking en misbruik. Het ene
bedrijf ontsnapt twee keer aan de fiscus, het andere bedrijf betaalt twee
keer.
We moeten dus een veel eenvoudiger en rechtvaardiger
systeem uitdokteren. Met een lager tarief, zonder notionele interestaftrek en
een correcte fiscale behandeling van de DBI's geven we de bedrijven
rechtszekerheid en sluiten we achterpoortjes. Het verhoogt de inkomsten,
vermindert de administratieve rompslomp en stimuleert eerlijk werkende
bedrijven.
Splitsen is verliezen
En hoe zit het
met de splitsing? De afgelopen weken hebben we aan verschillende bedrijfsleiders
gevraagd wat er zou gebeuren als de vennootschapsbelasting zou worden
geregionaliseerd. Hun antwoord klonk unisono: bedrijven zullen hun zetel
misschien niet verhuizen, maar wel hun winsten verplaatsen naar de regio die het
laagste tarief biedt. Kun je het hun kwalijk nemen? U gaat toch ook naar de
goedkoopste supermarkt?
Wat is dan ook het meest
waarschijnlijke scenario bij een splitsing? Aanvankelijk zal de
vennootschapsbelasting in Vlaanderen een hoge opbrengst opleveren, in Brussel
zal het nominale bedrag veel lager uitvallen. Maar Brussel zal dat bedrag snel
zien groeien als het de belasting met een vijfde verlaagt. Gezien de omvang van
het bedrag zal Vlaanderen niet kunnen volgen.
Brussel wordt
dan Luxemburg in het klein voor de bedrijven. Vlaanderen daarentegen zal moeten
kiezen tussen de pest en de cholera. Of we behouden het bestaande tarief, zien
bedrijven wegtrekken en moeten dat verlies aan inkomsten elders verhalen.
Besparen dus. Of we verlagen het tarief, genereren minder inkomsten en moeten...
Juist, besparen. In beide scenario's betalen de vennootschappen minder en moet
de Vlaamse regering de rekening doorschuiven naar de Vlaamse burger. Waarom
zouden we in eigen land trouwens belastingparadijzen creëren, nadat we ons daar
jaren op Europees vlak tegen verzet hebben?
Een voorsmaakje
van waar dit toe leidt, maken we vandaag al mee met de splitsing van de
belasting op gokken. Wallonië verlaagt dat tarief van 15 tot 11 procent om zo
het lucratieve internetgokken aan te trekken. Vlaanderen staat nu voor de keuze:
of we verminderen de belasting op casino's of we behouden het tarief, maar in
dat geval verliezen we de inkomsten. Dat is het niet het soort keuzes dat de
SP.A wil stimuleren.
|