|
28 mei 2008 (MO) - De Europese ministers van Financiën spraken twee weken geleden af dat ze het net rond belastingparadijzen strakker willen aantrekken. Maar België trapt volgens SP.A-kamerlid Dirk Van der Maelen achter de schermen actief op de rem.
De EU-ministers willen de zogenaamde Europese Spaarrichtlijn van 2005 verstrengen onder politieke druk van Duitsland. Dat land had recent te maken met een groot schandaal rond belastingfraude. Honderden erg vermogende Duitsers hielden hun miljarden kapitaal verborgen via trusts in Liechtenstein, dat van geheimhouding een lucratief exportproduct maakte.
Een bankmedewerker verkocht de Duitse fiscus een cd-rom met de gegevens van mensen die geen belasting willen betalen. De Duitse regering schat dat haar schatkist jaarlijks miljarden euro misloopt door belastingfraude en -ontduiking. Ook voor Groot-Brittannië worden de kosten van belastingontwijking via alleen al de Britse Maagdeneilanden geschat op minstens 4 miljard euro per jaar.
De regering Merkel begon een campagne om er voor te zorgen dat de banken en financiële instellingen in de lidstaten sneller en makkelijker informatie delen met overheden als die vermoeden dat burgers hun spaarpotten elders verbergen. Volgens Europees Commissaris Laszlo Kovacs zullen de nieuwe door Duitsland opgestelde regels de informatie-uitwisseling versoepelen. Voortaan zal de vraag naar informatie niet alleen gelden voor bankrekeningen, maar bijvoorbeeld ook voor (vaak anonieme) trusts en stichtingen. ‘We gaan de gaten van de Spaarrichtlijn dichten', aldus Kovacs.
Ook niet EU-landen als de Kaaimaneilanden, Andorra, Zwitserland en...Liechtenstein verklaarden zich akkoord om mee te werken aan die richtlijn. Maar papier is geduldig en de wegen van de offshore bankiers zijn ondoorgrondelijk. De uitspraak van Kovacs is dan wat optimistisch. De huidige Europese spaarrichtlijn kwam er pas na 14 jaar politiek handje drukken. En het zal nog veel politiek gepalaver kosten voor er een nieuwe compromistekst ligt. Ondanks toenemende internationale erkenning dat de offshore-industrie enorme ‘collateral damage' aanricht, zijn enkele landen zoals België niet geneigd maatregelen te nemen.
De meeste Europese ministers zouden het er volgens Kovacs mee eens zijn om voortaan ook rechtspersonen onder de richtlijn te laten vallen. België, Luxemburg en Oostenrijk zijn alvast niet bij die voorstanders. Deze landen waren onder de huidige richtlijn al niet bereid om automatisch informatie over spaartegoeden te melden aan andere lidstaten. En ze willen niet van die positie wijken. In 2005 werd voorlopig afgesproken dat landen ervoor kunnen kiezen dat hun burgers met spaargeld in een belastingparadijs daar een bronbelasting te betalen. Dan hoeft er geen informatie worden gegeven aan het ‘thuisland' van de spaarder. De rente over hun geld wordt alsnog belast in het belastingparadijs. Een kwart van de opbrengst is voor dat innende belastingparadijs en de rest voor het thuisland van de rekeninghouder.
De belasting bedraagt nog tot 1 juli 15 procent en vanaf 1 juli voorlopig 20 procent. Het Tax Justice Network (TJN) vindt dit geen goede ‘oplossing' en wijst er op dat deze clausule nog altijd gunstig uitpakt voor de belastingontwijker of ontduiker én het belastingparadijs. Volgens TJN heeft de spaarrichtlijn tot nu toe dan ook een bescheiden effect gehad. Als voorbeeld wordt Jersey gebruikt: in 2006 verzamelde dat offshore-eiland (zie ook dossier) slechts 21,9 miljoen Britse pond aan belasting op rente, als gevolg van de richtlijn. Maar de totale Europese tegoeden op bankrekeningen in Jersey bedroeg in dat jaar al 67 miljard euro en de rente zeker 2,7 miljard euro. Dat bewijst volgens TJN dat de richtlijn makkelijk te omzeilen valt.
Dit artikel verscheen op 28 mei 2008 in MO*magazine. Meld je aan op http://www.mo.be/ om het volledige artikel te lezen.
Het dossier Belastingparadijzen van MO* kan je raadplegen door hier te klikken.
|