Veiligheid Burundese mensenrechtenverdedigers aan zijden draadje.
14/10/2010
Sinds
2005 zette Burundi, een Centraal-Afrikaans land dat 13 jaar door burgeroorlog
geteisterd werd, stappen in de juiste richting. Alle bewegingen legden de
wapens neer en namen deel aan de verkiezingen. Dit leverde een parlement op waarin
alle politieke krachten vertegenwoordigd waren. Helaas boycotten enkele
belangrijke partijen de laatste stembusgang van juli 2010. Sindsdien wordt het
parlement zwaar gedomineerd door de CNDD-FDD, dat meer dan 80% van de zetels in
zijn bezit heeft. Er is dus nauwelijks nog sprake van oppositie in het
Parlement.
Deze
regeringspartij heeft de laatste jaren tekenen gegeven dat zij niet bang is van
een hard op te treden tegen politieke tegenstanders en critici in de civiele
samenleving. Nu haar positie nog versterkt is, groeit mogelijks de verleiding
om dissidenten nog harder aan te pakken. Zo zijn de laatste jaren
mensenrechtenactivisten slachtoffer geweest van doodsbedreigingen en
willekeurige arrestaties. Sommigen werden zelfs vermoord. "Dat is onaanvaardbaar",
vindt Dirk Van der Maelen, "als Burundi's grootste donor van ontwikkelingshulp
moet de Belgische regering hiertegen optreden. Willen de Belgische regering op
vlak van ontwikkeling en democratisering resultaten opleveren, dan moet zij het
werk en de bescherming van mensenrechtenverdedigers steunen."
Tijdens
zijn observatiemissie bij de Burundese verkiezingen eind juli 2010, leerde Van
der Maelen de mensenrechtenverdediger Pacifique Nininahazwe kennen. Deze
Burundees is directeur van een platform van 146 middenveldorganisaties, Forum
pour le Renforcement de la Société Civile (FORSC). Sinds de moord op Ernest
Manirumva, een vooraanstaand corruptiebestrijder op 9 april 2009, leidt Pacifique
een campagne om de daders voor de rechtbank te brengen. Zijn inzet leidde tot doodsbedreigingen
en een schorsing van FORSC. Amnesty International meldt dat naast Nininahazwe
er nog tientallen activisten zijn wiens leven ook aan een zijden draadje hangt.
"Daarom roep ik bij minister van Buitenlandse Zaken mijn bezorgdheid uit over het
werk en de veiligheidssituatie van mensenrechtenverdedigers. Respect voor mensenrechten
in Burundi is een noodzakelijke voorwaarde voor haar ontwikkeling en
democratisering."